Nieuwe ideeën over de maan

Dr. Wim van Westrenen
Onderzoeker Experimentele Petrologie
Vrije Universiteit Amsterdam

1. Wat is de belangrijkste wetenschappelijke ontwikkeling in uw vakgebied?

Na het einde van de Apollo missies is het tientallen jaren vrij stil geweest rondom Maanonderzoek. Onder het mom van ‘been there, done that’ werd de Maanwetenschap als vrijwel ‘af’ beschouwd. Niets blijkt minder waar. Dankzij recente Maanmissies van Europa, India, China, Japan en de VS zijn de afgelopen jaren ongelofelijk veel nieuwe gegevens beschikbaar gekomen over het oppervlak van de Maan en de eigenschappen van haar inwendige. Er zijn nieuwe gesteentesoorten ontdekt op plaatsen waar de Amerikanen nooit geland waren, de Maan lijkt een kleine metalen kern te hebben die net als de aardkern deels gesmolten is, en de Noord- en Zuidpool van de Maan zouden wel eens vol kunnen liggen met ijs – afkomstig van meteorietinslagen.

Daarnaast is het dankzij de ontwikkeling van nieuwe analysemethoden mogelijk geworden om een hele reeks nieuwe informatie te onttrekken aan de Maanstenen die meer dan 40 jaar geleden door de Apollo-astronauten naar de Aarde zijn gebracht. Vorig jaar is hierdoor duidelijk geworden dat het inwendige van de Maan vroeg in haar geschiedenis waarschijnlijk net zo veel water bevatte als het inwendige van de Aarde – terwijl iedereen er eerder van uit ging dat de Maan zeker van binnen altijd kurkdroog is geweest. Omdat water een zeer groot effect heeft op vrijwel alle fysische en chemische eigenschappen van mineralen, gesteenten, en lava, zullen onze ideeën over de vorming en vroegste geschiedenis van de Maan in de komende jaren allemaal op de schop moeten.

2. Op welke wetenschappelijke doorbraak hoopt u?

Ik hoop dat in de komende jaren een model voor de vorming van de Maan ontwikkeld wordt dat in overeenstemming is met alle gegevens die we nu over de Maan hebben. Dat zou een grote doorbraak betekenen, want op dit moment hebben we zo’n model niet. Het huidige breed geaccepteerde model is dat de Maan ontstaan is door het samenklonteren van de brokstukken van een enorme botsing tussen de Aarde en een andere planeet ter grootte van Mars. Dat model is gebaseerd op gedetailleerde computersimulaties van deze botsing. Uit de computermodellen komt duidelijk naar voren dat de Maan bij vorming uit zo’n enorme botsing voornamelijk moet bestaan uit stenen die oorspronkelijk in de Mars-achtige planeet zaten. Maar alle oude en nieuwe metingen aan de samenstelling van Maanstenen laten juist zien dat de Maan qua samenstelling vrijwel identiek is aan de samenstelling van de buitenste steenlagen van de Aarde. Dit is een fundamenteel probleem dat schreeuwt om een oplossing.

3. Wat is de waarde van uw vakgebied voor de samenleving?

Ik denk dat iedereen (bewust of onbewust) gefascineerd is als hij/zij naar de Maan kijkt. Als ik de waarde van Maanonderzoek voor de samenleving zou moeten duiden zou ik allereerst zeggen dat mijn onderzoek probeert die fascinatie te voeden – een klein beetje nieuwsgierigheid bevredigen, maar nog veel meer nieuwsgierigheid opwekken. Als mensen na het horen van een lezing of het lezen van een artikel van mijn groep over de Maan anders naar de Maan kijken zie ik dat als bijzonder waardevol.

Daarnaast ben ik aardwetenschapper in hart en nieren, en denk dat het zeer waardevol is om de fysieke wereld om ons heen te duiden. Ik doe onderzoek naar de Maan omdat de Maan een unieke blik geeft in de vroegste geschiedenis van onze eigen planeet. Op Aarde zijn de oudste gesteenten allemaal verweerd onder invloed van vloeibaar water, en door de plaattektoniek verdwenen in het inwendige. De kleinere Maan heeft geen vloeibaar water (meer) en geen plaattektoniek. Daardoor is het oppervlak van de Maan uitzonderlijk oud, en kunnen we naar processen kijken waarvoor op Aarde alle aanwijzingen verdwenen zijn. Als we willen begrijpen hoe de Aarde uiteindelijk die prachtige blauwwitte bal in het niets is geworden waarop leven kon ontstaan en bloeien, moeten we paradoxaal genoeg kijken naar onze doodse nabije buur.


Andere bijdragen in Aardwetenschappen, Het heelal