Een interactieve revolutie

Professor dr. Peter Romijn
Hoofd onderzoeksafdeling en hoogleraar 21e eeuwse geschiedenis
NIOD en Geschiedenis, NIOD en Universiteit van Amsterdam

Iets over de Geesteswetenschappen nu

Het belang van de geesteswetenschappen is volgens mij dat ze mensen helpen na te denken over de manier waarop het materieel waarneembare universum wordt onderzocht en geïnterpreteerd – of het nu gaat om sterrenstelsels, organische chemie of gedrag van individuen en sociale wezens. De term Geesteswetenschappen is trouwens even begrijpelijk als arbitrair – de beoefenaren vertegenwoordigen zeer uiteenlopende disciplines met navenante ideeën over taak, methode en argumenteren. Ze hebben met elkaar gemeen dat ze onderzoeken hoe mensen zich (hebben) verhouden tot de grote onderwerpen van onze en van alle tijden, zonder zich bij voorbaat te verbinden tot de strakke methodologische discipline in de meer exacte- of maatschappij- en gedragswetenschappen.

Geesteswetenschappers engageren zich om door hun onderzoek te inspireren tot het vinden van nieuwe wegen in denken en doen. De grenzen van de Geesteswetenschappen zijn trouwens erg poreus; veel historici voelen zich bijvoorbeeld niet a priori onderdeel van dat domein, maar laten zich inspireren door vraagstellingen en methodes uit zeer uiteenlopende disciplines als de sociale wetenschappen of de taalkunde. Deze pluriformiteit is het meer dan waard gecultiveerd te worden, omdat het de Geesteswetenschappen steeds weer opnieuw in staat te stellen zich te vernieuwen.

Er kan hierbij geen sprake zijn van een ontwikkeling die in een bepaalde richting is te sturen of gestuurd zou moeten worden. Wat de Geesteswetenschappen, en in het bijzonder mijn vakgebied, de geschiedwetenschap, wel kunnen is de verantwoordelijkheid nemen voor het op gang brengen en ondersteunen van processen van discussie en reflectie. Met andere woorden: de Geesteswetenschappen hebben een specifiek potentieel om burgerschap inhoud te geven, en voor mij is dat erg belangrijk. Zo lang we moeten aannemen dat niet voor ieder probleem een passende oplossing is te vinden, die ook niet andere moeilijkheden vergroot, is er behoefte aan wetenschap die standpuntbepaling kan informeren en inspireren. Historici en andere Geesteswetenschappen ondersteunen processen van burgerschapsvorming. Daarin komen steeds opnieuw vragen op over wie er in een specifieke gemeenschap de ‘wil tot weten’ formuleren, wie er kunnen beschikken over kennis, wie de kennisproductie aanstuurt en benut, welke strategieën met elkaar concurreren.

Belangrijke ontwikkelingen waarin zowel de taak als de aard van de Geesteswetenschappen samen komen, hebben te maken met de schaal waarop wordt gewerkt: de ‘eigen’ (nationale) gemeenschap is niet langer een vanzelfsprekend zingevend kader voor onderzoek en onderwijs. Geesteswetenschappers worden inmiddels uitgedaagd door initiatieven als de Europese kaderprogramma’s of Horizon 2020 om te internationaliseren en hun nieuwe inzichten zowel globaal als nationaal en lokaal te delen. Wat dit betreft: de interactie tussen wetenschappers is in de afgelopen 25 jaar op een verbijsterende schaal gegroeid en het einde is nog niet in zicht. De nieuwe media bieden grote kansen voor het verruimen van het blikveld en voor het verder ontwikkelen van vernieuwende werkwijzen als bijvoorbeeld crowdsourcing en datamining. De digitale revolutie is in hoge mate ook een interactieve revolutie. Dit laatste stelt ons Geesteswetenschappers in staat het ontwikkelen en delen van kennis samen te laten vallen, in permanente dialoog met ieder die door de ‘wil tot weten’ is gegrepen: studenten, vakgenoten, geïnteresseerde burgers.


Andere bijdragen in Digital humanities, Geschiedenis, Mondiale blik, Samen met de gamma’s, Samenwerken binnen de geesteswetenschappen, Vermaatschappelijking