Isotopenanalyse en ancient DNA

Dr. Geeske Langejans
Veni onderzoeker archeologie
Archeologie, Universiteit Leiden

Wat is, volgens u, de meest veelbelovende ontwikkeling in uw vakgebied?

Er zijn twee ontwikkelingen die spannend zijn. Ten eerste wordt het steeds meer routine om geavanceerde methoden te gebruiken; dan denk ik bijvoorbeeld aan isotopenanalyse en ancient DNA (aDNA) onderzoek. Deze technieken worden betaalbaarder en betrouwbaarder en een aantal conventionele methoden zullen minder belangrijk worden. Bijvoorbeeld, nu onderzoeken we menselijke botten door te kijken naar hun morfologie. aDNA leidt tot meer inzichten in afstammingsrelaties; dat kan op het niveau van het individu (“hoe zitten de familierelaties in een stamboom van Egyptische farao’s in elkaar?”) en ook op populatie niveau (“uit welke groep zijn Neanderthalers geëvolueerd?”). Onlangs werd in het Altai gebergte (Siberië) een nieuwe menssoort ontdekt op basis van aDNA onderzoek aan één vingerkoortje. Deze zogenaamde Denisovans waren tot nu toe onbekende tijdgenoten van Neanderthalers.

Dat brengt mij bij de tweede ontwikkeling: China. Jonge Chinese wetenschappers worden momenteel over de hele wereld opgeleid aan topinstituten en zij gaan straks terug om hoogwaardig onderzoek te verrichten. Uit China kennen we raadselachtige vondsten, zoals de Pekingmens, primitieve vuistbijlen en de mensachtigen uit Red Deer Cave, maar vaak zijn de datering omstreden en omdat het om geïsoleerde vondsten/opgravingen gaat, is het moeilijk grote conclusies aan ze te verbinden. Ik ben overtuigd dat jonge Chinese onderzoekers dat gaan veranderen. Nu zien we Europa en Afrika als brandpunten in de menselijke evolutie, maar er komt een heroriëntatie naar Azië. Gezien de interessante (aDNA) vondsten in de Denisova en Red Deer grotten, ben ik heel benieuwd wat voor een paradigmaverschuivingen er straks plaatsvinden op basis van Chinees onderzoek. 

Hoe ziet u de toekomst van uw discipline?

Archeologen brommen wat af over de toekomst, ik ook: binnen het nieuwe NWO topsectoren beleid is geen expliciet geld voor geesteswetenschappelijk onderzoek, daarnaast is de geesteswetenschapspot al klein. Toch zie ik de toekomst niet somber in want interessant genoeg is archeologie een publiekslieveling die ook van de media meer aandacht krijgt dan andere wetenschappen. Dit is gunstig, want in wetenschappelijke beursaanvragen wordt het publiek steeds belangrijker. Daarnaast worden archeologische beursaanvragen weldegelijk beloond. Archeologen moeten heel creatief zijn om de topsectorenpot te kraken, maar als dat lukt, is de toekomst rooskleurig. Bijvoorbeeld, dankzij geavanceerde technieken komen we nu in een paar maanden tot inzichten waar men vroeger jaren aan werkte. Als de geldkraan niet op slot gaat, blijft onze kennis exponentieel groeien.

Wat is het belang van de geesteswetenschappen?

De afgelopen maanden wordt het nut van geesteswetenschappen vaak geassocieerd met zingeving. Geesteswetenschappen verzorgen de Kunst en Cultuur waar men plezier en zin uit kan putten. Maar zo als het belang van de bèta’s niet de inrichting van natuurhistorische musea is, zo bieden de geesteswetenschappen ook meer.

De kleine talen in Groningen gaven onlangs terecht aan dat wanneer geesteswetenschappelijke kennis verloren gaat, deze expertise elders wordt ingekocht, zoals de recherche dat onlangs deed in Roemenië (NRC, 30-1-2013). Geesteswetenschappelijke expertise vormt dus kenniskapitaal. De deskundigen die gedegen achtergronden bieden in kranten en in nieuwsprogramma’s op tv zijn geesteswetenschappers. Veel docenten die de feitenkennis van uw kinderen verzorgen op scholen zijn geesteswetenschappers. Advies over het lanceren van een product op een nieuwe markt put uit de geesteswetenschap. Geesteswetenschappen zorgen voor de feitelijke en up-to-date achtergrond bij bijna elke maatschappelijke discussie. Neem bijvoorbeeld het recent weer opgelaaide 4/5 mei debat. Dit kunnen we niet voeren zonder geesteswetenschappen: zonder te begrijpen hoe en waarom deze herdenking tot stand is gekomen en hoe die zich ontwikkeld heeft. Geesteswetenschappen relativeren en contextualiseren discussies, en met haar kenniskapitaal is ze de basis van alle (economische) beleidsvoering.


Andere bijdragen in Archeologie, Mondiale blik, Samenwerken binnen de geesteswetenschappen