Welke politiek dient de wetenschap?

Professor dr. Frans-Willem Korsten
Bijzonder hoogleraar Literatuur en samenleving
Erasmus School of History, Culture and Communication, Universiteit Leiden

De meest veelbelovende ontwikkelingen in de geesteswetenschappen zijn zonder uitzondering de interdisciplinaire en daar horen de e-humanities (dus) niet bij. De e-humanities zijn mogelijk dankzij een nieuwe technologie, of concentreren zich op een nieuwe technologie, en dat is niet zozeer veelbelovend alswel onvermijdelijk. Als ik alle ontwikkelingen die veelbelovend zijn onder een noemer moet brengen dan is het dat de geesteswetenschappen zich vitaal onderdeel weten van interdisciplinaire wetenschappelijke groepen: biotechnologen met kunstenaars; juristen met literatuurwetenschappers, urbanologen met historici, sinologen met economen, archeologen met biologen, mathematici met filosofen, godsdienstwetenschappers met psychologen, classici met cultuursociologen etc. Dat zegt meteen iets over de toekomst van ‘de’ discipline: die bestaat niet als zelfstandige, autonome, afgeperkte discipline. Eerlijk gezegd is het onderzoek binnen de geesteswetenschappen daarvoor ook te divers. Taalkundigen zijn echt heel andere types dan cultuuranalisten, en empirische historici leven in een andere wereld dan continentale filosofen.

Be that as it may, de geesteswetenschappen ontlenen hun bestaansrecht niet langer aan zichzelf maar aan het netwerk waarbinnen ze bewegen en de manier waarop ze zich wetenschappelijk gezien waardevol weten te maken voor andere vormen van wetenschap en daarmee samen weten te bewegen. Voor de toekomst van ‘de’ discipline betekent het dat de faculteiten Geesteswetenschappen de moeilijke truc uit moeten halen om zowel herkenbaar te zijn  als zichzelf, dat wil zeggen: een eigen gezicht te hebben, als duidelijk te maken waar de poorten open staan naar andere gebieden. Een wat radicalere variant zou kunnen zijn dat de faculteiten Geesteswetenschappen zich deels modulair gaan ontwikkelen, als duidelijk herkenbare modules in andere faculteiten. Talenmodules zouden zich, bijvoorbeeld, heel wel kunnen ophouden in de faculteiten Economie of Sociologie; cultuuranalisten in Antropologie, etc.

Los van dat al zijn er belangrijke politieke keuzes te maken die meteen ook consequenties hebben voor de manier waarop de geesteswetenschappen zich maatschappelijk verhouden. De geesteswetenschappen hebben in geen enkele periode los kunnen bestaan van politiek. Nemen we de 19e eeuw als kraamkamer van de moderne academie dan is het ledikantje overkapt met een nationale vlag en de lakens en dekens herhalen de kleuren daarvan. De vraag gaat zijn voor alle individuele en collectieve groepen welke politiek men wil dienen en hoe men zich politiek waardevol wil maken. Dat kan de politiek zijn die van de markt, zoals bijvoorbeeld nu de musea met hun internationale marketing het beheer claimen van de kunsthistorici; of zoals nu creative industries (whatever they may be) de leidster zijn voor delen van de geesteswetenschappen. Dat kan echter ook de politiek zijn van marginale groepen, of van jeugd, bijvoorbeeld, die via reguliere onderwijssystemen steeds slechter onderwijs krijgt en dus wellicht beter bediend kan worden vanuit het internet door wetenschappers die zich daarvoor verantwoordelijk voelen. Heel wel mogelijk dat ook hier geesteswetenschappelijke groepen niet langer te verenigen zijn onder één academische vlag maar herkenbaar zijn als distinctieve modules. ‘Het’ belang van ‘de’ geesteswetenschappen bestaat dus niet. Er worden soms radicaal verschillende belangen gediend door verschillende soorten van geesteswetenschappers. Als we de klassieke rol en functie van ‘de’ geesteswetenschappen vertalen naar de huidige situatie dan zou ik zeggen dat ‘het’ belang is dat geesteswetenschappen er in slagen zowel vormen van collectiviteit mogelijk te maken als vormen van intercollectiviteit. Zolang de natiestaat leeft, is dat er een van; zolang die goed functioneert, blijft dat een belangrijke zaak.


Andere bijdragen in Alfa en bèta worden één, Literatuurwetenschappen, Samen met de gamma’s, Samenwerken binnen de geesteswetenschappen