Globalisatie, migratie, interculturalisatie

Professor dr. Kitty Zijlmans
Hoogleraar Hedendaagse kunst
University Centre for the Arts in Society (LUCAS), Universiteit Leiden

Mijn vakgebied bestrijkt de kunstgeschiedenis van de nieuwste tijd, ruwweg 1800-heden. De Engelse omschrijving, ‘contemporary art history and theory’, dekt voor mij echter beter de lading omdat ze de actualiteit van het gebied beter tot uitdrukking brengt. Recent voeg ik aan die benaming toe: world art studies. Hiermee is wat mij betreft meteen de belangrijkste en meest veelbelovende ontwikkeling aangegeven: de kunstgeschiedenis losmaken uit haar eenzijdig op de Westerse kunstgeschiedenis gerichte blik, naar een kunstgeschiedenis toe in mondiaal perspectief. Dat geldt niet alleen voor huidige ontwikkelingen maar voor de gehele kunstgeschiedenis. Kunst is van alle tijden en culturen en er is nergens ter wereld sprake van een eenzijdige, ‘pure’ kunst of cultuur; overal is sprake van inter- en transculturele processen en uitwisselingen. Het is precies die dynamiek die culturen levend maakt, en kunst is er een kloppende levensader van.

Kunstgeschiedenis in mondiaal perspectief impliceert ook multidisciplinaire en cross-culturele samenwerking en theorievorming, want dat behoeft een dergelijke ‘project’. Deze transculturele of crossculturele blik betekent ook kennis nemen van kunstconcepten, tradities en geschiedenissen van culturen en kunstpraktijken die traditioneel niet tot de kunstgeschiedenis werden gerekend (‘niet-Westen’, volkscultuur, populaire cultuur) . Daarmee komt ook het ‘westerse’ (overigens vrij recente,  moderne) kunstbegrip in een ander daglicht te staan, namelijk als een kunstpraktijk naast (vele) andere. De traditionele scheiding ‘westen’/’niet-westen’, de eurocentrische blik, het hegmonistische denken in ‘the West and the Rest’, in ‘Hoge Kunst’ versus ‘lage, populaire cultuur’ kan hiermee overwonnen worden. Dat betekent een andere manier van kunstgeschiedenis(sen) schrijven en heeft een grote impact op ons denken over musea, collecties en erfgoed. We leven in een wereld die al sinds mensenheugenis, maar zeker sinds circa 1500 en a forteriori in de huidige tijd globaliseert en waar migratie en interculturalisatie voortdurende veranderingen teweegbrengen. Dit brengt een andere demografie met zich mee en dientengevolge andere, veranderende artistieke en culturele praktijken. Deze zijn onlosmakelijk verbonden met maatschappelijke, politieke en economische ontwikkelingen. Dit is de bedding van kunst, die zowel voortkomt uit alsook weer deel uitmaakt van de samenleving en daar sociale werkelijkheid wordt. Kunst is een functie van een maatschappij, een die zich bezig houdt met diep menselijke waarden als betekenisgeving, verbeeldingskracht en het belang en de waarde daarvan, creativiteit en serendipiteit, nieuwsgierigheid, de mogelijkheid en het besef de wereld ook anders waar te kunnen nemen, het ontstaan en de betekenis van esthetica’s, noties van authenticiteit, het singuliere van het kunstwerk, het kunstwerk in zijn menselijke betrekkingen.

Uiteraard staat dit allemaal niet los van de musealisering, commodificatie en marktwaarde van kunst, kunst als handelsobject, kunst en educatie, de politieke en ideologische inzet van kunst, kunst- en cultuurpolitiek, technologisering en het gebruik ervan en reflectie erop van kunst. Daaraan wordt binnen de kunstgeschiedenis meer dan ooit aandacht besteed. Dat geldt ook voor de manier waarop kunstwerken communiceren, de agency van het werk in zijn materiële hoedanigheid, de rol van de toeschouwer in het proces van betekenisgeving. Maar kunst drukt ook een waarde uit. Die is tijd- en cultuurgebonden omdat iedere tijd de waarden opnieuw zal bepalen. De kunstwerken uit het verleden zijn immers in het heden aanwezig. De toekomst van de discipline zie ik dan ook in bovengeschetste termen. De kunstgeschiedenis is niet het servicebureau voor de Nederlandse musea en het toerisme (zoals een Engelse collega een keer scherp opmerkte) maar de studie van de complexe historische en actuele rol en betekenis van kunst in de maatschappij met inachtneming van veranderende kunstbegrippen, noties van esthetica en ethische vragen in concrete maatschappelijke contexten. Wat is voor wie van waarde?

De toekomst van de geesteswetenschappen ligt precies daar. De vraag wat voor wie van waarde is en waarom, raakt ons mens-zijn. De wereld verandert voortdurend en die complexiteit vraagt telkens weer om studie, kritische stellingname, reflectie, evaluatie en duiding; dat is het maatschappelijk belang van de geesteswetenschappen.


Andere bijdragen in Kunstgeschiedenis, Mondiale blik, Samenwerken binnen de geesteswetenschappen, Vermaatschappelijking